Anne Sanderling

copywriter | redacteur | uitgever | blogger

Anne Sanderling, wie is dat?

Sticky post

Dit is de blog van Anne Sanderling. Ik ben copywriter, redacteur en uitgever.

Op deze site blog ik over onderwijs, taal & literatuur en natuur & klimaat. Kijk ook eens bij de speciale categorie kliekjes (tip).

Wat voor tekstsoorten schrijf ik?

Ik schrijf persberichten, nieuwsbrieven, webteksten, blogposts en columns. Daarnaast heb ik jarenlange ervaring met het drogere werk: handleidingen, procedures, ondernemingsplannen, rapporten en jaarverslagen. Ik verleid de lezer met duidelijke, aantrekkelijke tekst en sprankelende, effectieve PowerPoint-presentaties.

Ten slotte ben ik een eersteklas redacteur en corrector. Ik ben zo iemand die alles ziet. Elke dubbele spatie. Elke spelfout. Elke foutieve samentrekking. Toch ben ik een leuk mens.

Onzeker over een tekst? Ziet u door het bomen het bos niet meer? Ik maak paden in de wildernis, kap onbruikbaar kreupelhout, ontwar een wirwar aan lianen en maak het woud zo weer begaanbaar.

Portfolio | een voorproefje

Schrijfwerk van mij bekijken? Dat kan op internet. Op internet staan alleen webteksten en columns van mijn hand. Ik schrijf en redigeer ook beleidsdocumenten, jaarverslagen en ondernemingsplannen; nieuwsbrieven, persberichten en handleidingen. Die staan niet op internet. Dit is dus slechts een kleine greep.

Meer lezen over wie ik ben en wat ik doe? Dat kan in het Nederlands of in het Engels.

Bestaanshoeders

GEDICHTJE

Waar is de kudde?
Wat hebben jullie met de kudde gedaan?

Wat hebben we gedaan?

De kudde.
Wat hebben jullie met de kudde gedaan?

De kudde?

We moeten de kudde beschermen.
De kudde!

Welke kudde?
Welke kutkudde moeten we beschermen?

De kudde.

Wat hebben we gedaan.

Wat?

Wat hebben we gedaan.

Over De Magische Mantels van Diana Wynne Jones

BELEZENIS

Dit wordt het verhaal van onze reis langs de rivier.

Zo begint het boek De magische mantels (bol.com) van Diana Wynne Jones. Als ik deze woorden herlees, voel ik dezelfde opwinding als toen ik ze voor het eerst las, in 1982 of 1983. Het verhaal. De reis. De rivier. Alleen al die drie woorden. Ze ademen avontuur, verontrusting en verlangen.

“Dit wordt het verhaal” – er gaat iets komen. Er begint iets. We gaan iets ontdekken, iets nieuws, een land, een streek, een verhaal – onwillekeurig lees je het woord ‘ver’ in ‘verhaal’ en denk je aan uitgestrekte verten. En dan de details: niet mijn reis, nee, onze reis. En niet de rivier, nee, de Rivier, met een hoofdletter. Zwierig en eerbiedig uitgesproken, duidend op een heiligheid die voor mij als kind volkomen vanzelfsprekend was. Ik was dol op rivieren en op water in het algemeen: de zee, stroompjes, watervallen. Misschien is dat de reden dat De magische mantels een van mijn lievelingsboeken zou worden.

Lees verder

Voor inspirerend eindexamen Nederlands moet je naar het buitenland

OPINIE

Wat vrijwel niemand in Nederland weet, is dat ook het International Baccalaureate (IB) eindexamens Nederlands afneemt. En wat voor examens! Het IB is een gerenommeerd internationaal onderwijsprogramma dat veel wordt gebruikt op internationale scholen. Op een aanzienlijk aantal scholen kunnen leerlingen ook Nederlands kiezen als eindexamenvak. In tegenstelling tot het Nederlandse eindexamen Nederlands is het IB-examen Nederlands inspirerend, uitdagend, valide, gedegen en flexibel.

Lees verder

Insectenhor voor dubbele Velux-ramen

COLUMN EN HANDLEIDING

Ik denk dat er duizenden mensen in Nederland zijn die net als ik stapelgek worden van de combinatie hitte, muggen, zolder en dakramen. Net als ik slapen zij op zolder, het warmste plekje van het huis. Net als ik hebben zij gekozen voor dubbele Velux-ramen, aangestoken door aantrekkelijke foto’s in woontijdschriften (“Geef je zolder een make-over!”). En net als ik zijn zij tot de ontdekking gekomen dat geen enkel muggenhor past op grote, dubbele Velux-ramen. Al deze mensen moeten kiezen tussen slapen met het raam open (lekker koel, met muggen) of met het raam dicht (verzengend heet, zonder muggen). Zelf kies ik knarsentandend voor slapen met het raam dicht. Maar nu is er een oplossing. Zo simpel, en toch zo ingenieus!

Lees verder

Overal

GEDICHTJE

Op reis door Nederland
kijk ik mijn ogen uit.

Ik kom in Borger.
Ik kom in Monster.
Ik kom in Cuijck.

Ik denk: overal wonen mensen.

Ik kom in Barendrecht.
Ik kom in Burgum.
Ik kom in Sluis.

Ik zie: overal wonen mensen.

Schelluinen.
Muiden.
Velsen-Zuid.

Overal. Overal.
Overal wonen mensen.

IJskoud, bloedheet en andere intensiveringen

LESIDEE

Sommige bijvoeglijke naamwoorden kun je versterken door er een woordje voor te zetten. Als het echt koud is, is het ijskoud. Als iets heel zoet is, is het mierzoet. En als je heel naakt bent, ben je spiernaakt. Ooit gaf ik les over het bijvoeglijk naamwoord. Dat je ze zo kort mogelijk schrijft, dat stofnamen eindigen op -en en dat bijvoeglijke naamwoorden geen -e krijgen als ze staan tussen het lidwoord ‘een’ en een het-woord (een mooi meisje). Als afsluiter had ik een leuke opdracht met bijvoeglijke naamwoorden die tegelijk wat deed voor hun woordenschat. Smul mee!

Lees verder

Zwaluwfeest

Ik weet niet wat het is. Maar om mijn huis dartelen tientallen zwaluwen. Huiszwaluwen met wit oplichtende kontjes, boerenzwaluwen met scherp uitgesneden staart, zelfs een oeverzwaluw denk ik te herkennen, met zijn bruine halsband. Ze scheren en zwieren alsof ze gedirigeerd worden door een onzichtbaar opperwezen. Onhoorbare muziek zwelt aan, en rats, fwoei, wiehoep, daar gaan ze weer, op en neer, in cursiefschrift. Ze draaien het symbool van oneindigheid, onzichtbare lemniscaten in de lucht. Maar waarom? Maken ze zich klaar voor de trek? Spelen ze met de eerste storm van het seizoen? Je mag dieren geen menselijke eigenschappen toedichten, zeggen biologen. Maar ik denk: het is zwaluwfeest.

De illustratie is van Jos Zwarts. Dit zijn gierzwaluwen. Die waren er nu net niet bij.

Idee: van plastic soep naar kunstmatige ‘ijsschotsen’

Een Zweedse architectuurstudent stelt voor om de plastic soep om te vormen tot drijvende, zelfvoorzienende huizen (Scientias, 30 juli 2017). Ik weet een betere bestemming voor plastic soep: kunstmatige ijsschotsen. Een van de weinige mogelijkheden die de mens straks nog heeft om de opwarming in toom te houden. En als we dan toch beginnen, laten we dan alsjeblieft ook drijvende natuurgebieden maken. Drijvende weilanden, drijvende kwelders.

Lees verder

Over dat we meer moeten genieten van het leven

BESPIEGELING

Een kennis van mij gaat morgen sterven. Of vannacht, of overmorgen. Het is net als bevallen: je weet niet precies wanneer het komt. Ik ben intens verdrietig. Ze is nog geen vijftig. Ik denk aan haar gevoel voor humor en haar briljante intellect. Ze laat twee jonge kinderen achter die al even briljant zijn en die daarnaast een paar andere uitzonderlijke talenten hebben. En ze laat Michael achter, een van de wijste, liefste, verstandigste, rustigste vaders die ik ooit heb ontmoet. Ik besluit maar weer eens om meer te gaan genieten van het leven.

Lees verder

De postzegels van mijn oma

Mijn oma, Marietje Hooijmeijer, geboren in 1913, wilde ontdekkingsreizigster worden. Helaas kreeg ze tuberculose en moest ze in haar tienertijd rust houden. Zes jaar lang lag ze op de bank of op bed. Ze mocht niet naar school. Ze kon alleen lezen, en dromen van verre landen.

In die tijd begon ze postzegels te verzamelen. Ze was dol op de natuur, dus ze spaarde postzegels van flora en fauna. Hoe obscuurder het land van herkomst, hoe liever het haar was. Malagassische republiek. Togo. Oppervolta. Dromerig sprak ze de namen uit. Nyasaland, Tanganyika, Borneo. Dat die postzegel dáár was geweest! Dat die postzegel de halve wereld was rondgereisd om híer terecht te komen, in haar schoot, op haar rustbed. De weg die die postzegel had afgelegd! De geur van het avontuur kleefde er nog een beetje aan.

Lees verder

Mee op jacht met de Hadza, de laatste jager-verzamelaars van Oost-Afrika

LONGREAD

En daar zitten ze dan, om een vuurtje. Het is nog koud, zo ‘s morgens vroeg, dus ze houden hun handen dicht bij het vuur en wapperen ze langzaam heen en weer. Alleen de vrouwen zitten hier. Ze dragen dierenhuiden of omgeknoopte doeken. De oudste vrouw van de groep heeft een ontbloot bovenlijf. Haar zwarte borsten hangen slap neer. Rondom dit vuur slapen ze. De rieten hutten gebruiken ze alleen als het regent.

Als vrienden ons kwamen opzoeken in Tanzania, vroegen ze ons vaak of we reistips hadden. Moesten ze naar de Serengeti? Naar de Ngorogoro Crater? Naar Zanzibar? Al die mensen adviseerde ik: bezoek de Hadza. Ga mee op jacht met de laatste jager-verzamelaars van Oost-Afrika. Kom oog in oog te staan met onze oorsprong. Een onvergetelijke ervaring.

Lees verder

Een juweel van een spelfout in de NRC

COLUMN

In de NRC van dit weekend vond ik een juweel van een spelfout. Een foutieve samentrekking! Je ziet ze niet veel meer: ons taalgebruik en onze zinsbouw worden steeds eenvoudiger. Bovendien voelen de meeste schrijvers wel aan dat dit fout is. Als je er eentje ontdekt in het wild, is dat dus echt smullen. Dit is ‘m:

De muren stuukte ze zelf “expres een beetje rommelig” en werden rokerig geschilderd.

Een prachtexemplaar! Dit is geen tante betje, geen zeugma, geen anakoloet, geen apokoinou, maar een gewone foutieve samentrekking.

Waarom is deze samentrekking fout? Aan welke eis wordt niet voldaan? U heeft ongetwijfeld een scherpe geest en wil deze zaak vast tot op de bodem doorgronden. Daarom staat hieronder de allerduidelijkste uitleg in ons sterrenstelsel.

Lees verder

Lente – een gedicht

COLUMN 

Mijn eerste lente was de lente van 2015. Twaalf jaar was ik in het buitenland geweest. Twaalf jaar lang had ik de Nederlandse lente gemist. Ik zag er extra naar uit omdat ik de hele winter van 2015 ziek, zwak en misselijk was geweest. En toen kwamen ze: de zon, de bloemen, de geluiden, de geuren, het zachte briesje, de zwaluwen die terugkeerden uit Afrika.

Zelf keerde ik ook terug. Ik was verrukt. Ik zocht een gedicht dat vatte hoe ik me voelde. Ik vond het niet.

Totdat ik laatst een letterkundig boek opensloeg uit de nalatenschap van mijn oma. Meteen waar ik het boek opensloeg – zoals zo vaak gebeurt – vond ik het lied ‘Maysche Morgenstond’, geschreven door Dirck Rafaelszoon Camphuysen (1586-1627). Zo begint het:

Alles wat ik zocht staat in het gedicht: de lucht, de zon, het briesje; het dauwtje in de koele nacht, het koetje dat graag klavers eet, en de hele natuur die lacht van dankbaarheid. En het einde is zo mooi, zo toepasselijk, zo van deze tijd. Lees het zelf.

Lees verder

Mijn lievelingswoorden

Misschien is het jullie opgevallen dat ik vaak het woord ‘misschien’ gebruik. Het is echt een van mijn lievelingswoorden, samen met ‘allemaal’. Ik moet me echt inhouden om niet te veel misschiens en allemaals te gebruiken.

Mijn voorliefde voor ‘misschien’ is terug te voeren op het verhaal The body van Stephen King. Het is een van de mooiste verhalen die King ooit heeft geschreven. “Misschien hoor, misschien,” zegt Chris Chambers in dat verhaal. Het effect van die twee woordjes is groot. Je realiseert je dat Chris oprecht is en anderen niet, alleen maar door dat woord ‘misschien’. ‘Misschien’ is heel suggestief en dat vind ik mooi.

‘Allemaal’ vind ik om een andere reden mooi. Het rammelt zo lekker, met al die a’s en die ellen en die drie lettergrepen, en toch klinkt het vloeiend. Wat betekenis betreft is het een veelomvattend woord dat eigenlijk niets zegt. Eigenlijk het tegenovergestelde van ‘misschien’: een nietszeggend woord dat alles zegt.

Grutto’s, lente en silent spring

COLUMN

De grutto’s zijn terug! Elders arriveerden ze al eerder, maar pas gisteravond hoorde ik het kenmerkende wieto wieto in Zuiderwoude. Dat verrukkelijke lenterse geluid. Dat geluid dat je hart doet dartelen en maakt dat je opspringt om de blijde tijding te delen met de wereld.

Het is toch niet voor te stellen dat de roep van de grutto in de toekomst misschien niet meer te horen is? Dat de lente niet meer uitbundig wordt aangekondigd door veldleeuwerik, boerenzwaluw, scholekster en tureluur? Dat de lente stil is, een silent spring? Ik zou dat verschrikkelijk vinden, omdat ik me de rijkdom van vroeger herinner.

Soms denk ik wel eens: mensen worden te oud. Elk extra jaar geleefd is een extra jaar geconsumeerd. Onze ecologische voetafdruk zou enorm dalen als niemand ouder zou worden dan 65. Wat een cruises en vliegreizen zou dat schelen. Misschien een aanmatigende gedachte, maar ik constateer het alleen maar. Net zoals je kunt constateren dat er te veel mensen op de aarde zijn zonder meteen zelfmoord te willen plegen.

Maar nu denk ik: mensen worden niet oud genoeg. Want als we allemaal tweehonderd jaar oud zouden worden, zouden we ons herinneren hoe de lente was. Dat rond de struiken en bermen wolken van vlinders zwermden. Dat de lucht vol leeuweriken was. Dat iedereen blij en verliefd werd van hun gezang. En dat al die lenterse jubel begon met de terugkeer van de grutto’s: wieto wieto.

Maar steeds minder mensen herinneren zich dat nog. Straks, als er misschien geen grutto’s meer zijn, kan het zomaar gebeuren dat niemand ze mist.

 

Illustratie door Jos Zwarts

Silent spring is de titel van het beroemde boek van Rachel Carson, waarin zij het effect beschrijft van pesticiden op het milieu.

Kutjaar

IKJE

Met mijn zoon van twaalf heb ik de afspraak dat ik desgewenst zijn Instagram-account mag bekijken. Daarbij probeer ik terughoudend te zijn met op- en aanmerkingen.

In zijn nieuwsjaarbericht aan zijn vrienden refereert mijn zoon aan Trump en de aanslagen van 2016. Zijn bericht begint met de zin: “Ze zeggen dat het een kut jaar was.”

Als ouder vind ik het taalgebruik problematisch. Even vraag ik me af of ik er wat van moet zeggen. Ja, besluit ik. “Kutjaar moet aan elkaar.”

Voorkom een Trump in Nederland

OPROEP

Het is alweer drie maanden geleden dat Trump de verkiezingen won. Sinds die tijd zijn we murwgebeukt met tweets en schokkende berichten. Het is bijna te veel. Een vriendin schreef me: ‘Ik merk dat ik het bijna ga blokken.’ Zo gaat dat. Wat zou het fijn zijn om er niet meer aan te denken. Om er maar gewoon op te vertrouwen dat het goed komt.

De Democraten in de Verenigde Staten dachten ook dat het goed zou komen. Maar het kwam niet goed. Mijn kennissen in de V.S. trekken zich drie maanden na dato nog steeds de haren uit het hoofd bij de gedachte dat ze méér hadden kunnen doen. En daarom schrijf ik dit stukje. Omdat wij over twee maanden verkiezingen hebben. En omdat ik me over twee maanden niet de haren uit het hoofd wil trekken.  Lees verder

Idee: Ontmoetingen

“En we bedenken een nationaal plan van ontmoeting, waardoor hoog- en laagopgeleid, zwart en wit elkaar veel vaker tegenkomen.”

Rutger Bregman in De Correspondent

Een nationaal plan van ontmoeting – klinkt goed. Als je dit leest, weet je dat de argumenten voor herinvoering van de dienstplicht of een maatschappelijke stage niet ver weg zijn. Maar misschien is dit een idee. Voor een kunstproject of voor de publieke omroep een reeks ontmoetingen organiseren waarbij steeds twee mensen in een ruimte tegenover elkaar zitten. Ze mogen elkaar aankijken en ze mogen elkaar vragen stellen. Maar ze mogen niets zeggen. Ze mogen alleen iets vragen. Ze mogen elkaars vragen ook niet beantwoorden.

Zo dwing je mensen om interesse te stellen in elkaar. Elke vraag begint immers met een greintje inlevingsvermogen. Het gaat niet om de discussie, het gaat er zelfs niet om dat ze elkaar beter leren kennen, het gaat alleen om het proces in je hoofd dat voorafgaat aan het stellen van een vraag.

Natuurlijk zijn er nog wel wat beren op de weg. Leest u mee? Lees verder

Bowie, Prince, George Michael

COLUMN

En nu George Michael. Ik was geen fan, maar toch vind ik het erg. En bevreemdend. Hij is er altijd geweest! En nu is hij er niet meer. En Leonard Cohen ook niet. En Shimon Peres niet. En Pieter Steinz niet. Ik vind het zo raar. Ze horen bij ons te zijn. Ze hebben ons begeleid in ons leven en nu zijn ze er niet meer. We moeten het alleen doen. Al die vertrouwde gezichten uit de twintigste eeuw zijn aan het wegvallen. Carrie Fisher! Peter van Straaten! Een afschuwelijke reeks die begon met David Bowie. Dat zijn stem nu voor altijd zwijgt, dat wij hem nooit meer live kunnen horen, dat dat voorbij is, dat dat voor altijd achter ons ligt, dat vind ik een eenzame gedachte.

En dit is nog maar het begin. Lees verder

Idee: een doucheklok

COLUMN

Ik denk dat ik lang douch. Ik weet het niet zeker, maar dat gevoel heb ik. In Afrika was ik heel efficiënt onder de douche – kraan aan, afspoelen, kraan uit, inzepen, kraan aan, afspoelen, klaar – maar in Afrika was de badkamer warm en de douche koud. In Nederland is de badkamer koud en de douche warm. Met andere woorden: in Afrika is het fijn om uit de douche te stappen, in Nederland is het niet fijn om uit de douche te stappen.

Is het erg dat ik lang douch? Ja en nee. Douchen is natuurlijk niet goed voor het milieu. Als iedereen zijn gemiddelde douchetijd terug zou brengen van 9 minuten naar 5 minuten, bespaart dat het equivalent van de CO2-uitstoot van 763.000 auto’s (bron: NRC). Korter douchen is vanuit CO2-oogpunt dus best zinvol. Aan de andere kant kom je onder de douche altijd op wonderbaarlijke manier op goede ideeën. Zo kwam ik vandaag terwijl ik onder de douche stond, op het idee voor een doucheklok. Of liever gezegd: een douchetimer. Lees verder

Spelfouten in de NRC

COLUMN

Soms word ik zo nijdig van de spelfouten in de NRC dat ik ze omcirkel. Samenstellingen die los worden geschreven, verkeerde samentrekkingen, ontbrekende interpunctie, ja zelfs fouten in werkwoordspelling ontdek ik soms in de NRC. Het schaamrood staat me soms plaatsvervangend op de kaken.

Het liefst zou ik zo’n krant met omcirkelde woorden bij de redactie in de brievenbus doen, maar zoals dat gaat: je leest verder en uiteindelijk belandt de krant bij het oud papier. En dan vergeet je het weer een week.

Tot twee weken geleden. Op de eerste bladzijden van het eerste katern dat ik opensloeg, stonden al drie spelfouten. Liggend in bad bedacht ik dat ik iets moet doen met mijn frustratie. En zo besloot ik om het eenmaal te turven. Om eenmalig de hele zaterdagkrant stelselmatig door te pluizen op spelfouten.

Eerst een antwoord op de vraag waarom ik mijn tijd in vredesnaam besteed aan het opsporen van spelfouten in teksten die nooit meer zullen worden aangepast. Dat heeft, hoe gek het ook klinkt, te maken met Trump. Lees verder

Nieuw leven

IKJE

Ik interview een Syrische vrouw. Of ze zich weleens alleen voelt. Soms, zegt ze. Maar gelukkig heb ik hem. Liefhebbend kijkt ze naar haar zoon. Een wolk van een baby. Elke keer als ze elkaar aankijken, beginnen ze allebei te stralen.

Over zijn naam hoefde ze niet lang na te denken. Hij heet Adam. Wat mooi, zeg ik. Nieuw leven in een nieuw land. Ja, zegt ze. En we houden van A’dam.

2016 wordt warmste jaar ooit – maar DWDD maakt grapjes

Vandaag in het nieuws: volgens de VN wordt 2016 het warmste jaar ooit. En warempel: NRC en nu.nl plaatsten het bericht bovenaan de website. Een opsteker, dacht ik. Eindelijk de aandacht die het verdient. De meeste mensen die ik spreek zijn namelijk slecht geïnformeerd over klimaatverandering, en met de verkiezingen in aantocht kan het geen kwaad kan als de media – kranten en televisie voorop – er eens wat meer aandacht aan zouden besteden. Ons land zit vol Trumpjes, en die Trumpjes gaan allemaal stemmen in maart. Lees verder

‘Game over’ voor het klimaat?

Twee weken geleden had ik een schaars moment van hoop: misschien gaat scheikunde de wereld redden. Vandaag is van die hoop weinig over. Niet omdat Trump de verkiezingen heeft gewonnen – al is dat een kolossale setback – maar omdat de voortekenen ook zonder Trump bijzonder ongunstig zijn. Gisteren schreef de Engelse krant The Independent dat klimaatverandering zo snel kan gaan dat we aan het eind van deze eeuw al kunnen zitten op 7 graden temperatuurstijging. De kop: Klimaatverandering kan zo snel escaleren dat het ‘game over’ kan zijn, waarschuwen wetenschappers (zie artikel in Engels). Wat betekent dat voor de mensheid? Wat staat ons te wachten als de temperatuur stijgt met 3, 4, 5 of 6 graden? Lees verder

Gaat scheikunde de wereld redden?

COLUMN

Op zich ben ik niet optimistisch over de opwarming van de aarde. Ik weet dat de temperatuur de komende eeuwen blijft stijgen, zelfs als we vanaf nu geen CO2 meer zouden uitstoten. Ik weet ook wat er gaat gebeuren als de temperatuur stijgt: al in 2008 verscheen het boek Six Degrees van Mark Lynis (bol.com), waarin hij duidelijk maakt wat ons te wachten staat bij een temperatuurstijging van één, twee, drie, vier, vijf of zes graden (lees dit boek niet als je rustig wilt slapen). Vorige week deed Jelmer Mommers het nog eens dunnetjes over in De Correspondent (De Correspondent). Toch ken ik schaarse momenten van hoop. Misschien kan scheikunde de wereld redden.

Lees verder

Hitte maakt boos

COLUMN

Vandaag stond er een interessante column in de New York Times. Het blijkt dat mensen sneller boos worden naarmate het buiten warmer is. Ook zijn mensen bij extreem weer sneller geneigd om geweld te gebruiken. Zet dit de gebeurtenissen van deze zomer in een ander daglicht?

Lees verder

Gezocht: natuurschool

COLUMN

Ik heb een dochter van tien die ervan houdt om buiten te zijn. Ze is intelligent en leergierig, ze leest graag en goed, maar ze houdt niet van school en niet van zitten. Ze wil in de natuur zijn: kayakken, timmeren, gewassen verbouwen, vissen, avonturieren, dieren verzorgen, klimmen en hutten bouwen. Als ze groot is, wil ze biologie studeren met als specialisatie animal behaviour. Ze wil natuurbeschermer worden of scheikundige. Maar om dat te bereiken moet ze eerst tien jaar op school zitten, eerst op de middelbare school en daarna op een vervolgopleiding. Ik betreur dat. Ik vind dat ze moet leren schrijven en rekenen en vreemde talen leren spreken en al die andere dingen. Maar ik zou het fantastisch vinden als ze dat zou kunnen leren op een school waar ze ook kan kayakken, timmeren en tuinieren. Een school die meer dan gemiddeld aandacht besteed aan de grote vraagstukken van onze tijd. Een school die niet op schoolreis gaat naar de Efteling, maar naar de Wadden. Ik ben op zoek naar een natuurschool.

Lees verder

Rock chick

IKJE

Met onze dochter van tien lopen we door een oud stadje. Het is markt. Ook de tweedehandsplatenzaak heeft een kraam. Spontaan stapt onze dochter op de hippie-achtige uitbater af en vraagt onbevangen: ‘Heeft u iets van Iggy Pop?’ De mond van de man valt open. Meisje van tien jaar informeert naar Iggy Pop! Hij vindt The Idiot, sleept haar mee naar binnen en zet de cd op. Al luisterend bladert onze rock-chick door de bakken. Dan herkent ze iets. Ze pakt een cd uit het schap en roept: ‘Mama! Jimi Hendrix!’ De uitbater gaat bijkans voor haar op de knieën. Ik word gecomplimenteerd met mijn opvoeding.

Foto: Iggy Pop in Ann Arbor, 1971. Foto door Leni Sinclair, via Flickr-account Wystan.

Het studentenhuis | Katherine en Ursula

ZKV

Vanaf het eerste moment dat Ursula in huis kwam wonen, was Katherine dol op haar. Ursula was ondeugend, spontaan en uitgesproken. Ze had donkere, fonkelende ogen en het interesseerde haar geen bal dat ze een beetje mollig was. Ook in andere opzichten was Ursula luchtig en ongecompliceerd. Met de galaplicht had ze bijvoorbeeld geen enkele moeite. ‘Nee zeg,’ zei ze, ‘zo’n jongen doet alles voor je. Hij regelt kaartjes, hij betaalt de taxi, hij houdt je de hele avond vrij en hij brengt je weer naar huis. Dan ga ik dáár niet moeilijk over doen.’
Katherine had tot op dat moment niet geweten wat de galaplicht was, maar ze vond Ursula’s kijk op de zaak verfrissend.

Lees verder

Overstromingen – zo gaat het in Tanzania

COLUMN

In mijn vorige column schreef ik dat mensen de neiging hebben om te blijven zitten waar ze zitten, tot het niet anders kan. Pas bij een derde overstroming zullen mensen zachtjes aan gaan overwegen om hun huis achter te laten. Eerder kunnen we ons gewoonweg niet voorstellen dat het ooit zover kan komen.

In Tanzania, waar ik een tijd woonde, heb ik meerdere overstromingen meegemaakt. Ik zag wat overstromingen deden – en vooral wat ze niet deden – met de psyche van getroffen mensen. Na elke overstroming likten de getroffen bedrijven, organisaties en inwoners hun wonden. Ze verplaatsten hun servers naar de eerste verdieping, schrobden en sopten hun vloeren, treurden om verloren goederen en data. Maar ze verhuisden niet – tenzij dat moest op gezag van de gemeente.

Omdat ik weet hoe het gaat in Tanzania, denk ik ook te weten hoe het in andere landen zal gaan. Tanzania laat het ons zien.

Lees verder

Natte voeten in 2100? Nederlanders maken zich geen zorgen

COLUMN

James Hansen, de bekende Amerikaanse klimaatwetenschapper, is er niet gerust op. Volgens hem (wetenschappelijk artikel) kan de zeespiegel voor het einde van de 21ste eeuw met vijf meter stijgen, ook als de opwarming van de aarde beperkt blijft tot 2 graden. De Deltacommissie bereidt ons voor op een zeespiegelstijging van slechts 1.20 meter (bron: KNMI), dus met vijf meter zouden we in 2100 toch nog natte voeten krijgen.

Lees verder

Ouagadougou

IKJE

Mei 2003. In een volle forenzentrein praten mijn man en ik over potentiële reisbestemmingen in West-Afrika. Accra, Bamako, Dakar, Nouakchott. Ik bedenk dat deze plaatsnamen waarschijnlijk potjeslatijn zijn voor mijn zwijgende medepassagiers: allemaal blanke Nederlanders.
“Anders vliegen we toch gewoon op Ouagadougou?” opper ik.
“Is leuk hoor, Ouagadougou”, zegt de mevrouw naast mij in het gangpad. “Ik heb er jaren gewoond.”
Op dat moment barst de jongen links van ons in proesten uit. Verbaasd kijken we hem aan. “Jullie zullen het niet geloven,” zegt hij, “maar ik ben geboren in Ouagadougou.”

Mexicaan

IKJE

Vrijdagmiddag, lunchtijd. Ik rijd over een provinciale weg net buiten Amsterdam. Op de vluchthaven langs de weg staat een auto geparkeerd. Buiten de auto staat een man in pak te wenken naar de passerende auto’s. In een split second moet ik beslissen of ik zal stoppen om hem te helpen. In die split second zie ik dat de auto een buitenlands nummerbord draagt en dat de man een Mexicaans uiterlijk heeft. Ik rijd door, maar het voelt niet goed. Tot drie keer toe probeer ik de wegenwacht te bereiken. Tevergeefs.

Vijf uur later houdt een Land Rover mij aan in het dorp. De bestuurder, een vrolijke hipster, vraagt de weg. Naast hem zit de Mexicaan. Hij heeft vijf uur langs de weg gestaan.

Ik schaam mij diep.

Magische schrijfsels

COLUMN

Ooit las ik een boek – een van mijn lievelingsboeken, De Magische Mantels van Diana Wynne Jones – over een meisje dat de toekomst kan veranderen door verhalen te weven in gewaden. Ze weeft woorden, zinnen en dialogen, ze weeft stambomen en gebeurtenissen, ze beschrijft landschappen, mensen en ontmoetingen, en uiteindelijk begrijpt ze wat haar kracht is: wat zij weeft, wordt werkelijkheid. Aan het eind van het boek weeft ze met speciaal gouddraad een visioen.

Stel nou dat dat echt zou kunnen. Stel nou dat alles wat je schrijft of vertelt werkelijkheid wordt. Wat zou je dan schrijven? Wat zou jij opschrijven als je wist dat alles wat je opschreef echt zou gebeuren?

Lees verder

Alles mag | Een pleidooi om meer te genieten van onze vrijheid

COLUMN

Toen mijn ouders jong waren, mocht je bijna niets. Het waren de jaren vijftig. Je mocht niet over het gras lopen langs de singels. Je mocht je haar niet los dragen. Je mocht geen feestjes geven op zondag. Je mocht niet uit met vrienden. Je mocht de pannen niet op tafel zetten – de buren zouden het eens zien. Je moest kousen aan en je moest vis eten op vrijdag. Op de andere dagen at je aardappelen-groenten-vlees.

Lees verder

Naomi Klein | Terug naar de jaren zeventig

“Climate change deniers like to claim that environmentalists want to return us to the Stone Age. The truth is, if we want to live within ecological limits, we would need to return to a lifestyle similar to the one we had in the 1970s, before consumption levels went crazy in the 1980s.”

Naomi Klein, This changes everything

COLUMN

Naomi Klein betoogt in This changes everything dat we de wereld alleen kunnen redden van catastrofale klimaatopwarming als we teruggaan naar het leven zoals in de jaren zeventig. Ik ben benieuwd hoe deze boodschap ontvangen wordt. Ik ben een product van de jaren zeventig en kan me die tijd nog wel herinneren. Een decennium gedrenkt in bruin en oranje. Veel haar. Veel snorren. Veel onsmakelijk korte sportbroekjes: van die glanzende, met een splitje opzij, en een biesje langs de zoom.

Lees verder

Februari 2016 was bizar warm – maar de Nederlandse dagbladen zwijgen

OPINIE

Met enige regelmaat horen we dat er een temperatuurrecord is gesneuveld. Zo was februari 2016 de op een na warmste februarimaand sinds het begin van de metingen. Dat hebben we vaker gehoord. We weten het: de wereld wordt warmer. Maar vorige maand was er toch iets meer aan de hand. NASA kwam met data die zelfs conservatieve klimaatdeskundigen verbijsterden. Waarom heeft dit nieuwsitem de Nederlandse dagbladen niet gehaald? En wat kunnen we leren van de Engelse krant The Guardian?

Lees verder

Het studentenhuis | Ontmoeting met Katherine

ZKV

Katherine kon je alles wijsmaken. Eens ging het over de scheefstand van het huis. Het herenhuis boog zich naar de straat als een dominee aan een open graf: de benen recht en statig, maar het bovenlijf deemoedig overhellend, alsof de diepte eraan zoog.

Vooral de kamers aan de voorzijde hadden last van de scheefstand. Lopen naar het raam was vallen, lopen naar de deur was strompelen, met het bovenlichaam in een vreemde hoek. Als je wat gedronken had, kon je nauwelijks de deur bereiken. Opstaan uit een luie stoel was helemaal een opgave. De zwaartekracht trok je feilloos terug, alsof je aan de stoel zat vastgebonden met elastiek.

‘Wo, het loopt echt scheef hier!’ zei Katherine.
‘Ja, het huis gáát een keer op straat vallen,’ zei Evert-Jan.
‘Echt waar?’
‘Ja, dat is onderzocht. Maar alleen de kamers aan de voorkant. Jij zit safe.’
‘Dus het huis scheurt dan min of meer doormidden?’
‘Zoiets zal het wel zijn ja, ha ha.’

Opgewonden vertelde Katherine dat weekend aan haar ouders dat het huis op straat zou vallen. Echt waar. Het was onderzocht.

Het studentenhuis | Ontmoeting met Wilco

ZKV

Wilco was lang en mager, had zwart haar en was van nature bleek. Sommige huisgenoten noemden hem daarom achter zijn rug Het Skelet. Officieel volgde Wilco een HBO-opleiding, maar in de praktijk besteedde hij zijn tijd grotendeels aan roken, blowen en computeren. Hij was de eerste in huis met een 486, een computer met een 486-processor. Op die computer componeerde hij housemuziek.

Zoals niet ongebruikelijk in het studentenhuis, deed Wilco zijn afwas in zijn badkamer. In zijn wasbak stapelde de vaat zich op. Studenten die voor een kopje koffie kwamen, moesten het koffiereservoir bijvullen onder de douche, omdat het reservoir met geen mogelijkheid meer onder de kraan van de wasbak paste. Toen de wasbak vol was en er niets meer bij paste, ging Wilco verder met douchebak. Ook daar stapelde de vaat zich op. Eerst douchte hij alleen tussen een paar pannen. Er bleef nog voldoende ruimte over om te douchen. Maar de afwas in de douchebak zwol aan – borden, kopjes, bestek – en reikte al snel tot zijn kuiten. Voor zijn voeten had Wilco twee openingen uitgespaard, als voetsporen in een veld schroot.

Michiel en Wilco waren vrienden. Op een dag zat Michiel in de tram met een meisje op wie hij indruk probeerde te maken. Van achter uit de tram hoorde hij zijn naam schallen. Het was Wilco. Ah nee he, dacht Michiel, want hij vermoedde dat een ontmoeting met Het Skelet zijn kansen bij het meisje tot niets zou reduceren. Maar het was al te laat. Opgewekt kwam Wilco door het gangpad op hen toegesjokt, onderwijl een kletterende vuilniszak met zich meezeulend. In de vuilniszak bleek zijn vaat te zitten. Hij had er niet meer overheen gezien, en was nu op weg naar zijn moeder.

Tussen Michiel en het meisje is het nooit meer wat geworden.

« Older posts

© 2018 Anne Sanderling — Powered by WordPress

Theme by Anders NorenUp ↑