COLUMN

Soms word ik zo nijdig van de spelfouten in de NRC dat ik ze omcirkel. Samenstellingen die los worden geschreven, verkeerde samentrekkingen, ontbrekende interpunctie, ja zelfs fouten in werkwoordspelling ontdek ik soms in de NRC. Het schaamrood staat me soms plaatsvervangend op de kaken.

Het liefst zou ik zo’n krant met omcirkelde woorden bij de redactie in de brievenbus doen, maar zoals dat gaat: je leest verder en uiteindelijk belandt de krant bij het oud papier. En dan vergeet je het weer een week.

Tot twee weken geleden. Op de eerste bladzijden van het eerste katern dat ik opensloeg, stonden al drie spelfouten. Liggend in bad bedacht ik dat ik iets moet doen met mijn frustratie. En zo besloot ik om het eenmaal te turven. Om eenmalig de hele zaterdagkrant stelselmatig door te pluizen op spelfouten.

Eerst een antwoord op de vraag waarom ik mijn tijd in vredesnaam besteed aan het opsporen van spelfouten in teksten die nooit meer zullen worden aangepast. Dat heeft, hoe gek het ook klinkt, te maken met Trump. Kijk, op zich erger ik me niet aan spelfouten. In een wereld waarin media ons onwaarheden voorschotelen, waarin mensen niet meer geïnteresseerd zijn in feiten, waarin een groot, onbesuisd kind in het Witte Huis belandt, ga ik me niet ergeren aan een -d’tje of een -t’tje. Als spellingfanaat ben ik zeer mild. Als mijn vrienden spelfouten maken, stoor ik me daar absoluut niet aan.

Maar juist in een wereld waarin media ons onwaarheden voorschotelen, waarin mensen niet meer geïnteresseerd zijn in feiten en waarin een groot, onbesuisd kind in het Witte Huis belandt, heb ik behoefte aan een honk, een baken van standvastigheid, een rots in de woelige baren. Zo’n rots is de NRC voor mij. De wereld is een chaos; het zou zo fijn zijn als één instituut, één organisatie zich aan de waan van de dag onttrok en doodgemoedereerd, stoïcijns, door zou gaan met het brengen van objectieve feiten, gevat in correct Nederlands. Anders is alles verloren. NRC, onze hoop in bange tijden. En daarom is een spelfout in de NRC zo veel meer dan alleen maar een spelfout. Een spelfout in de NRC is de ondergang van een tijdperk, het finale failliet van de elite.

Mocht u zich afvragen hoe erg het was: het viel me alleszins mee. Ik heb me beperkt tot de bijlage LUX. Hierin ontdekte ik drie zetfouten en vijftien spelfouten. Ook de ernst van de fouten viel mee. Kleine interpunctiefouten storen me niet, evenmin als een vergeten woordje ‘of’. Als je de foutief geschreven samenstellingen niet meetelt (die samen meer dan de helft van de spelfouten voor hun rekening namen), is het enige echt foute woord ‘smiley’s’. Dit moet zijn: smileys. Het is maar een kommaatje, ik weet het, en ik ga me er niet druk om maken. Er zijn belangrijkere zaken.

Maar al die foute samenstellingen vind ik een blamage. Vier stuks in één advertentie van de NRC! Gelukkig gaat het ook vaak goed: coming-of-ageverhaal, virtualrealitybril, dierenplaatjescollectie, Whats-App-berichten, vijfliterdozen. Er is hoop!

En nee, ik solliciteer hiermee niet naar een baan als corrector bij de NRC.